Codebedienpanelen
Terug

Voor het in/uitschakelen van het systeem wordt gebruik gemaakt van een codebediendeel met eventueel met een LCD scherm. Op dit bediendeel wordt informatie gegeven over de status van het systeem.

Voor het bedienen van de installatie wordt gebruik gemaakt van cijfercodes. Deze codes bestaan uit 4 cijfers welke door u zelf kunnen worden samengesteld. Er is ruimte voor een mastercode en verschillende neven codes welke onafhankelijk door elkaar gebruikt kunnen worden. De nevencodes kunnen door de bezitter van de mastercode worden ingevoerd of worden verwijderd.

Op het codebediendeel wordt door middel van een cijfer weergegeven welke detector nog geopend is, gesaboteerd is of een alarm heeft gegeven of door de centrale wordt gemist. Het verschil in alarmsoort wordt met een tekst in het display weergegeven. Deze teksten zijn: ALARM, FOUT, BRAND en CHECK. Bij een LCD scherm zal de volledige tekst in het scherm verschijnen.